In de dorpsvlag wijst de driehoek op de grondsoorten en op de naam „Gorredijk”. De plaats ligt aan de oostrand van een groot veengebied, dat zich uitstrekt van Murmerwoude tot voorbij het Tjeukemeer.
Gorredijk ligt dan enigszins in een uithoek, uitbuigend naar het oosten en ophoudend tussen Gorredijk en Lippenhuizen. Die uithoek nu wordt uitgebeeld door de driehoek. Er is ook sprake van een dijk door het veen en dit wordt gewoonlijk uitgebeeld door een driehoek, staande op de stokzijde, ook wel hijs- of broekzijde van de vlag genoemd. Zwart is in de wapenkunde de gebruikelijke kleur voor veen en geel die voor het zand waarin de uithoek van Gorredijk vooruitsteekt. De driehoek loopt uit op een schansdwinger, herinnerend aan de tijd waarin Gorredijk door een schans werd ingesloten. Dijken en schansen hebben bovendien dezelfde functie: Verdediging tegen wat buiten is. Het schansbeloop is groen, wat de natuurlijke begroeiing met gras aangeeft.
In het zwart vinden we de drie eikels en drie eikenbladeren uit het wapen terug, om en om geplaatst in een zogenoemde „zespas”. Het deel in het wapen met de eikels is kenmerkend voor Gorredijk, de adelaar niet, want die komt in vele Friese wapens voor. De kleuren zwart en geel zijn ontleend aan het wapen.
Hoe kleur je nu de vlag? De vlag is geel met een groen schansbeloop. Binnen de schans is de vlag zwart en de zes pas is geel.
Plaatselijk Belang heeft in september 1998 de vlag voor Gorredijk goedgekeurd. De vlag is te koop bij het streekmuseum, hoofdstraat 59 in Gorredijk.